Posts tonen met het label I.M.. Alle posts tonen
Posts tonen met het label I.M.. Alle posts tonen

vrijdag 3 januari 2025

I.M. Roger Arteel (1935 - 2024)

  

I.M. Roger Arteel (1935 - 2024)

Met oudejaarsdag 31/12/2024 overleed in zijn geboorteplaats Roeselare toneelcriticus, dichter en theatermedewerker Roger Arteel. Op 6 mei zou hij negentig jaar zijn geworden. Hij was decennia lang actief als schrijver, radiomedewerker, criticus en man van het theater. Hij schreef de VWS-cahiers over Jos Janssen (nr 56), Georges van Vrekhem (nr 257) en Filip Vanluchene (nr 268). Tevens was hij in de voorbije jaren een gewaardeerd medewerker aan verschillende VWS-Jaarboeken. Er wordt in intieme kring van Roger afscheid genomen. De VWS wenst vrienden en familie van Roger veel sterkte!

Er staat een mooi herdenkingsbericht met biografische theaterschets op de site van theatermaggezien. Na te lezen via deze link:
https://theatermaggezien.net/?p=3634

Bijgaande foto's zijn die van zijn overlijdensbericht bij Uitvaartzorg Commeyne waar ook het rouwregister kan worden getekend.


Wikipedia-pagina Roger Arteel




donderdag 15 oktober 2020

Dichter Christiaan Germonpré overleden

I.M. Christiaan Germonpré (Roeselare 7/9/1950 - Kortrijk 13/10/2020)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


In Kortrijk waar hij sinds jaar en dag woonde en vrijwel zijn hele beroepsleven werkzaam was als medewerker van de Bib, nam dichter Christiaan Germonpré dinsdag 13/10/2020 laatst op een waardige en serene manier afscheid van een rijkgevuld en poëtisch leven.

Christiaan Germonpré debuteerde als dichter in het jaar 1978 met de bundel Voor de losprijs van warmte. Er volgden nog zeven dichtbundels waarvan zijn bundels Tweespraak (1990) en Onsterfelijk blauw (1995) die werden uitgegeven door het Poëziecentrum smaakmakend waren. Met Ik verzend mezelf als een ansichtkaart, uitgegeven door Facet, bracht hij in 1998 een selectie van de gedichten samen die hij schreef voor de jeugd. Daaruit werden er door Gerrit Komrij drie opgenomen in zijn bekende bloemlezing De Nederlandse kinderpoëzie in 1000 en enige gedichten. Ook in Hotel New Flanders staat een gedicht van Christiaan.

Van het jaar 1988 tot 2000 was Christiaan Germonpré redacteur van de bekende VWS-cahiers. Zelf schreef hij zeven van deze essays over de West-Vlaamse literatuur. Met Tussen hemel en aarde publiceerde hij in 1995 een studie over kermissen en circussen in Kortrijk. Belangrijk waren en zijn ook zijn vertalingen van het poëtisch werk van Hilde Domin en Rita Dove. Hij vertaalde voorts ook een groot aantal gedichten van Duitse auteurs zoals Karl Krolow, Ingeborg Bachmann, en Michael Krüger. Hij leverde tevens een hele resem artikels aan allerhande literaire tijdschriften. Peter Aspeslagh bezorgde voor Arhus en de Roeselaarse Auteurs een uitgebreide bibliografie en Julien Vermeulen schreef in het jaar 2002 een VWS-Cahier dat vakkundig inzoomde op het werk van Christiaan. De literaire productie van Christiaan Germonpré vertraagde toen, al in het jaar 2000, bij hem de meedogenloze ziekte MS werd vastgesteld. 

Even werd overwogen om het verzameld werk van hem uit te geven maar dat is er uiteindelijk niet van gekomen. Er schuilt veel stilte en inkeer in zijn poëzie, zonder gebruik van veel grote woorden, iets wat hem zelf in het dagelijks leven ook typeerde. Al kon zijn lach af en toe luid doorheen het huis galmen.

In mijn bibliotheek staan zijn gedichten blijvend (en beklijvend) tussen die van Gerlach en Gezelle. Ik herinner mij in Christiaan graag een man die, ondanks zijn ziekte, moedig als hij was, tot op het laatst gedreven en alert was en een bijzonder goed oog had voor nieuwe poëzie en publicaties. Daarover was het met hem altijd aardig en geregeld fel badineren (en soms ook wat ongegeneerd roddelen). Afspreken op de afrit Zwevegem aan het rondpunt van Cowboy Henk in het Zuiden van Kortrijk, af en toe op zondagmiddag in het Walle van Hugo Claus ‘tartaar van kalfsmuis met verse kikkerhammetjes en Poperingse hopscheuten' savoureren, het bladeren in fotoalbums over New York en Canada en gesprekken over leven en werk en de kat Wilma, het zijn enkele van de vele herinneringen die we blijvend koesteren.

De voltallige vriendenkring en het bestuur van de VWS bieden Chantal, de familie en de vele vrienden haar diepste gevoelens van deelneming aan.

.../...

Verbond

Wat je gade slaat, wordt opgespaard
Winterkou maakt de lorken gedachteloos.
In hun takken het stil gebaar, de afreis
van het roze in uitdeinend grijs.

We staan als bomen naast elkaar geplant,
zonder schaduw, als een eeuwig verbond
in de grootsprakerigheid van het heelal.
We zwijgen, hand in hand.

En hoe het vaderbeeld steeds in mij opduikt:
de harde handdruk, de afgewogen glimlach,
de nooit uitgesproken zinnen. Geluk

werd voorgelogen. Alleen nadrukkelijk gezag
ondermijnde mijn taal. Toch blijf jij
het voegwoord ‘en’ in mijn levensverhaal.

© Christiaan Germonpré

Uit Onsterfelijk blauw, Poëziecentrum, 1995

.../...

Hilde Sabbe die Christiaan in haar Kortrijkse jaren goed gekend heeft schreef op haar Facebookbladzijde een pakkend en typerend herinneringsbericht dat we hier graag met haar toestemming publiceren.

Ik moet een jaar of 24 geweest zijn toen ik hem voor het eerst ontmoette, boven in wat toen nog ‘t Salonske was op de hoek van de Kortrijkse Grote Markt. Ik at er vaak een dagschotel.

Die dag was er geen plaats meer vrij, maar Roland wees naar een tafeltje waar een jonge man met rossig haar en een vriendelijk gezicht alleen zat te eten. Of ik erbij mocht komen zitten? Hij verschoot van kleur, kuchte zenuwachtig maar noodde me toch tot aanschuiven. We deelden het middagmaal hoofdzakelijk in een wat ongemakkelijke stilte, want hij was verlegen als hij je niet kende, en introvert.

Bij een volgende ontmoeting leerde ik dat hij in de bieb werkte, en fraaie, vaak weemoedige gedichten schreef. Er groeide een warme vriendschap tussen ons. Ik hield van zijn beminnelijke zachtmoedigheid, en ik vermoed dat hij mij een soms wat roekeloze spring in ‘t veld vond. Maar elkaar vonden we altijd.

Twintig jaar geleden kreeg hij de vreselijke ziekte MS. Als ik hem in K bezocht - altijd minder dan ik van plan was of wilde- werd ik diep getroffen door de kalme waardigheid waarmee hij zijn lot droeg. Hij ging niet schelden of drinken, werd niet verbitterd, maar onderging het min of meer gelaten. Gelukkig kon hij altijd rekenen op de steun en aanwezigheid van zijn vrouw die ‘for better and worse’ letterlijk nam. Ze gaf zin aan zijn dagen, hoe lastig ook.

Nu is hij dood. De wereld is weer een beetje killer en schraler geworden.

Dag Christiaan, dankjewel voor alles.


Op zaterdag 24/10/2020 wordt in intieme kring en rekening houdend met beperkende Corona-maatregelen afscheid genomen van Christiaan.

.../...
Extern:
Christiaan Germonpré bij DBNL
Christiaan Germonpré bij Auteurslezingen
Bibliografie van Peter Aspeslagh voor Arhus en de Roeselaarse auteurs (pdf-bestand)

Condoleren kan bij het Rouwcentrum Deseyne en wel via deze link.

Dit bericht verschijnt ook op De Schaal van Digther.

(Paul Rigolle)


dinsdag 13 oktober 2020

I.M. John Heuzel (1945 - 2020)



 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In Brugge is op woensdag 7/10/2020 literator en bezieler van het literair tijdschrift “Kruispunt” overleden. In intieme kring wordt morgen 14/10/2020 van John afscheid genomen. Namens de VWS veel sterkte aan Marie-Thérèse en de vele vrienden en familie. Hendrik Carette schreef de navolgende herinneringstekst.

John Heuzel: als een rots in de branding
(Oostende, 23 september 1945 – Brugge, 7 oktober 2020)

“John Heuzel weigerde ook maar één moment van zijn leven ook maar één woord met het accent of de tongval van het rijke kleurrijke West-Vlaamse dialect te spreken. Hij was een echte fanatieke taalpurist en ook een groot lezer en reiziger (volgens zijn weduwe begon hij na een korte onderbreking opnieuw de pijp te roken tijdens een recent bezoek aan China!). In een al ver verleden werd hij de opvolger van de dichter Mark Braet die samen met Georges van Acker het tijdschrift Kruispunt had opgericht. Met zijn Engelse humor en zijn Ierse koppigheid werd John de drijvende kracht (redacteur, recensent en referent) achter dit literair kwartaalschrift dat in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw vele lezers en abonnees elke keer weer regelmatig bleef verbazen. 

Alleen al de lijst van bijzondere themanummers die John Heuzel als erudiete editor wist samen te stellen en te presenteren is bijzonder imposant en verrassend. Ik verwijs hier dan ook graag naar het James Joyce-nummer met vermaarde binnen- en buitenlandse medewerkers (december 1982), het Bretagne-nummer (‘Ik heb geen ander land’ samengesteld door Jan Deloof, maart 1998), het Louis-Paul Boonnummer (juni 1984), het Zuid-Afrikanummer ‘Een wankele wereld’ (samengesteld door Luc Renders, juni 1994) en het bijzondere in-memoriamnummer over Mark Braet (samengesteld door John Heuzel en Jan van der Hoeven, maart 2003). En ten slotte het zeer curieuze Stalin-nummer (samengesteld door Peter Bormans, van maart 2009, waarbij John tot grote woede en onbegrip van deze Peter Bormans mijn gedicht ‘Een bolsjewistische fanfare’ vooraan aan het begin van dit nummer plaatste). Hoe dan ook een goed literair tijdschrift is als een literair laboratorium en het is de grote verdienste van de zeer koppige en eigenzinnige West-Vlaming John Heuzel dat hij vanuit zijn Brugse boekenzolder in de Boeveriestraat als vanop een rots in de branding zijn Kruispunt als een lighthouse of vuurtoren liet schijnen. "

Hendrik Carette Schaarbeek, 13 oktober 2020 

Op de literaire site 'De Schaal van Digther' staat ondertussen ook dit herdenkingsbericht.

 

woensdag 15 juli 2020

Afscheid van Daniël Van Hecke

In Brugge is verleden week op 6 juli 2020 Daniël Van Hecke (°25/1/1938)
overleden. Hij was de auteur van vier verhalenbundels en vier romans waarvan vooral 'De Mutant' (1967) en 'De vlucht' (1985, bekroond met de Guido Gezelleprijs van de Stad Brugge) bekendheid genoten. In 2009 publiceerde hij zijn laatste roman 'De tranen van Pygmalion'.

Met 'De verschroeide Hof van Eden', liet hij vooraan 2019, nog een ruime selectie uit zijn poëzie uitgeven. Het boek met een nawoord van Guy Van Hoof verscheen bij Uitgeverij C. de Vries-Brouwers.

Op de Facebook-bladzijde van Brugge Stadsgedichten staan bij wijze van afscheid twee gedichten van Daniël.
Daniël Van Hecke was immers als dichter - samen met Mark Braet - één van de eerste leden van het beschermcomité van het bezette Lappersfortbos in 2002 (Poëziebos.be). Zijn vriend Johan Debruyne, die in 2011 nog een VWS-Cahier aan Daniël wijdde, droeg op Facebook, navolgende tekst aan Daan op.

Friedhofbal

Je nam het op voor sans-papiers
(of dat nu katten waren of mensen)
Je voelde de pijn van zij die hier niet
welkom zijn
Je ijverde voor groen dat voor geld
en beton moest wijken
Samen laafden we ons samen aan eloquentie
en beeldende schoonheid
Trots was ik toen ik je taalvirtuositeit
verwoordde in een klein cahier
Voor smalltalk was je beducht en kortzichtigheid
deed je walgen
Je ging tekeer tegen machtsmisbruik
en hardnekkige domheid
Het mocht iets meer zijn, vond Lapje
Jij schreef het in haar plaats
Ook voor onze geadopteerde katers was je
een vertrouwde indringer
Thuis - als jullie op reis waren - moest en zou die
schuifdeur op een kier
opdat àlle katten en ongenodigd
klein leven schuilen konden bij nacht en ontij
Je laatste dichtbundel blijft op de
salontafel liggen
“De Verschroeide Hof van Eden”
Een gitzwart kleinood
Ter herinnering
In mijn hoofd blijft hij hangen
Onbereikbaar
Die dropvolley
Je Friedhofball
boven gemalen Duitse baksteen


© Johan Debruyne

Voor Daan, van Johan Debruyne, je vriend
5 juni 2020

Een andere vriend Guy Van Hoof schreef op zijn Facebook-bladzijde navolgend afscheid:

Mijn goede vriend, uitstekende schrijver Daniël van Hecke is overleden
in Brugge. Hij had me nog pas een enthousiaste brief geschreven, vol lof, hij had eindelijk zijn bundel kunnen uitgeven met het essay dat ik over hem schreef dat hij er absoluut bij wilde hebben, we hadden dezelfde opvattingen over heel wat maatschappelijke vraagstukken...hij schreef erover met eruditie en tevens ironie...en op de foto zitten we met onze vrouwen om die uitgave te vieren, en nu, een half jaartje later...Ik durf ronduit te zeggen dat ik zijn publicaties, zijn vriendschap, zijn brieven vreselijk zal missen... mocht er een schrijvershemel bestaan dan wens ik hem daar een ereplaats toe..

© Guy Van Hoof

Extern:
Auteurspagina bij "Schrijversgewijs"
Recensie "De verschroeide Hof van Eden" bij De Schaal van Digther
Brugge Stadsgedichten-Facebook-Afscheid van Daniël Van Hecke